Nee, bewust voor Rumah Saya gekozen had Louise Bloemheuvel niet. Dat deed haar opleiding, stagiaires over stageplekken verdelen.

Maar toen ze mijnheer R. hier aantrof, was ze erg verrast. Niet alleen omdat ze hem kende van haar vorige stage, maar vooral vanwege diens totaal andere uitstraling!

 

Louise is 2e jaars Verpleegkunde en liep de eerste 20 weken een middag per week stage. Na tien weken theorie loopt ze nu weer 20 weken stage, maar deze keer vier dagen per week, dagen van negen uur.

 

Ze was al verrast door de sfeer in Rumah Saya: zo’n andere aankleding en zo gemoedelijk. Zo anders dan het algemene verpleeghuis waar ze dhr. R. eerder aantrof. Dat leek meer op een ziekenhuis met in de kale gemeenschappelijke ruimten hooguit twee schilderijtjes. En waar dhr. R. de enige niet-doorsnee Hollandse bewoner was, de enige met een kleurtje. Hij trok zich daar enorm terug, leek niet te snappen wat er rondom hem gebeurde en kwijnde weg. Het kostte Louise telkens veel moeite om dhr. R. te laten eten, misschien vanwege de Hollandse pot.

*tekst gaat verder onder de foto

 

Louise vindt dhr. R. sinds toen enorm opgeknapt. Hij voelt zich thuis in de gesloten afdeling, was enthousiast dat zijn echtgenote regelmatig langs kwam en was zoveel alerter.

Hij legt haar of het andere personeel bijvoorbeeld uit wat de naam is van de Indische maaltijden en waar deze zoal uit bestaan. De Hollandse maaltijden, waaruit de bewoners ook mogen kiezen, kent iedereen volgens hem al bij naam. Hij pikt meer op wat er in de gemeenschappelijke ruimte gebeurt en vindt het fijn als hij iets voor de andere bewoners of het personeel kan betekenen, bijvoorbeeld bij de vertaling van Indische woordjes.

 

Sowieso vindt Louise de sfeer in Rumah Saya zo bijzonder. Zoveel zachter en liever dan in de algemene tehuizen die ze kent. En ook zoveel socialer: bewoners proberen het personeel of anderen duidelijk te maken wat hun groepsgenoot bedoelt als deze hier eventjes niet uit komt. Misschien omdat ze zoveel gemeen hebben, namelijk Indië.

Met de Maleise woordjes die ze al snel heeft geleerd, weet Louise zich ook al op een vriendelijke manier te redden. Ze hoeft bijvoorbeeld slechts “obat” te zeggen of de bewoner opent al zijn of haar mond. Of slechts “duduk” en de bewoner begint al te zitten. Heel anders dan in Nederlandse volzinnen, die al snel dwingender klinken.

 

En dan zo’n jubileumfeest van 20 jaar Nusantara. Waar vind je nou zo’n directeur die op zijn Fender los gaat als een Rudy de Queljoe, Eddie van Halen of Jimi Hendrix met een achtergrondkoortje van vrijwilligsters en personeelsleden à la Ikettes? En waar zelfs 80- of 85-jarigen het dan niet kunnen laten de dansvloer op te gaan, aangemoedigd door rolstoelers met het juiste ritme in hun armen?

 

Ja, Rumah Saya; een bijzondere stage in een bijzonder tehuis!

 

Peter Bouman